Catharina Mulder
Catharina Mulder, bijgenaamd Kaat Mossel (1723-1798) Schilderij door Johannes Bergsi, ca. 1880, Museum Rotterdam
Catharina Mulder woonde in een van de steegjes van het Achterklooster, een arme volksbuurt in 18de-eeuws Rotterdam. Door haar werk als mosselkeurvrouw kreeg ze de bijnaam Kaat Mossel. Naast het keuren, verkocht ze ook mosselen aan diverse klanten in Rotterdam. Ze was een fanatiek aanhanger van stadhouder Willem V, de prins van Oranje, en liep voorop in protestmarsen van de Oranjegezinden. Dit tot grote woede van de patriotten, republikeinse hervormers die fel gekant waren tegen de macht van de Oranjes.
In april 1784 liep een confrontatie tussen Oranjegezinden en patriotten op de Hoogstraat volledig uit de hand. Kaat zou de orangisten hebben opgehitst en de patriotten beweerden dat ze was omgekocht om rellen te organiseren. Het patriottische stadsbestuur arresteerde Kaat Mossel en sloot haar op in de kerkers van het stadhuis. De aanklager eiste publieke geseling, brandmerking, tien jaar tuchthuis en verbanning uit Rotterdam.
De zaak ging in hoger beroep en in 1785 werd ze overgebracht naar de gevangenis in Den Haag. Pas in 1787 deed het hof uitspraak en kwam Kaat Mossel vrij. Na alle ophef ging ze weer aan het werk als mosselkeurvrouw in Rotterdam.
In de 19de eeuw groeide Kaat Mossel uit tot een symbool van Oranjegezindheid. Ze is opgenomen in de Canon van Rotterdam.
Lees hier de verhalen van de andere vrouwen uit de tentoonstelling
-
Anneke Jans
-
Verhaal
Anneke Jans (ca. 1509-1539)
Gravure door Jan Luyken, ca. 1700, Stadsarchief Rotterdam -